Oorspronkelijk was het de bedoeling van een pensioenregeling om de AOW aan te vullen tot een meer 'gewenst' inkomensniveau van 70 a 75% van het gemiddeld verdiende loon. 

Van verzorgingsgedachte naar uitgesteld loon gedachte

In tal van sectoren bereikte je bij 40 of meer jaren werken een goed pensoen. De pensioenuitkering stond jaren centraal. De kosten werden door werkgevers en werknemers opgebracht en volgden daarbij het toegezegde pensioen. Door rentestand die nu al geruime tijd laag is en de komende jaren naar verwachting laag zal blijven, is er discussie ontstaan over de financiering. Daarbij hoor je vaak spreken over de benodigde dekkingsgraad.

Rentestand belangrijk voor de dekkingsgraad

Tegenover een pensioentoezegging moet een reserve staan groot genoeg om ook op de langere termijn de pensioenen te kunnen betalen. Een inschatting van de rente speelt hierbij een belangrijke rol. Lange tijd werd hiervoor een vast rentepercentage gehanteerd van 4%. Toen de marktrente hoog stond, heeft men de verleiding niet kunnen weerstaan over te stappen naar de actuele marktrente als maatstaf.

Nu is deze marktrente structureel laag en komen de door pensioenfondsen aan te houden reserves (die wettelijk zijn voorgeschreven) in gedrang. Mogelijke oplossingen hiervoor zijn:

  • Korten van toegekende pensioenrechten
  • Niet indexeren van toegekende pensioenrechten
  • Verhogen pensioenpremie
  • Hanteren van een andere methodiek betreffende de te hanteren rekenrente

Oplossing binnen handbereik

De oplossing leek simpel. Pas de methodiek voor het bepalen van de te hanteren rekenrente aan, bijvoorbeeld door te kiezen voor een gemiddeld te behalen rendement op basis van een actief beleggingsbeleid. Door dit nog verder uit te werken richtrendement te hanteren, verhoog je direct de dekkingsgraad. Dit zou het korten van pensioenrechten dan wel verhogen van de premie overbodig maken en indexeren binnen bereik brengen. Bovendien demp je het effect op al te grote schomelingen en dit alles zonder ons huidige pensioenstelsel overboord te gooien.

Hier niet voor kiezen kun je wat ons betreft beschouwen als een gemiste kans die, met dank aan o.a. de vakbonden (zo'n 300.000 instemmende leden), voor miljoenen werknemers resulteert in een stelsel waarbij, én de solidariteit, én de verzorgingsgedachte naar de achtergrond zijn verdwenen.

Pensioenakkoord met open eindjes

Nu al spreken van een goed doordacht en uitgewerkt plan waar we nog jaren mee verder kunnen is bovendien voorbarig. Zo zijn er (te) veel open eindjes waar partijen het nog over eens moeten worden. Kortom, ons zo zorgvuldig tot stand gekomen pensioenstelsel zal de komende jaren op zijn grondvesten schudden en het zal er zeker niet eenvoudiger op worden.

De behoefte bij werkgevers en werknemers aan begeleiding zal alleen maar toenemen. Het tijdig nemen van aanvullende maatregelen zal meer dan ooit noodzakelijk blijken te zijn.

Weet, u staat er gelukkig niet alleen voor. Onze pensioenspecialisten volgen de ontwikkelingen nauwgezet en zijn u graag van dienst.

Door: Rob van der Wansem, vennoot van de Westeinder Adviesgroep

Korte samenvatting van het Pensioenakkoord

AOW

  • de verdere verhoging wordt 2 jaar bevroren op 66 jaar en 4 maanden, zodat we pas in 2024 op 67 jaar zitten
  • daarna gaat de AOW met 8 maanden omhoog per jaar dat we langer leven

ZZP-ers

  • er komt een verplicht AOV voor zelfstandigen, maar met opting-out mogelijkheden (eigen regeling, voldoende vermogen etc.)
  • zij krijgen makkelijker toegang tot deelname aan de pensioenregeling voor werknemers in hun branche/bedrijf.

Regeling voor Vervroegde Uittreding

  • de boete op een regeling voor vervroegde uittreding wordt vanaf 2021 voor 5 jaar afgeschaft voor vergoedingen tot € 19.000 per jaar (de AOW voor een alleenstaande) indien dit plaatsvindt 3 jaar voorafgaande aan de AOW-leeftijd, daarboven alleen voor het meerdere, de regeling mag individueel en per CAO worden afgesproken.

45-jaren pensioen

  • Pensioen na bijvoorbeeld 45 jaar werken wordt onderzocht.

Pensioen

  • kortingen hoeven pas als een fonds gedurende 5 jaar onder de 100% dekkingsgraad zit
  • de doorsneepremie wordt afgeschaft, beschikbare premie-staffels verdwijnen
  • Dit betekent normaliter compensatie voor ouderen en meer pensioenpremie voor jongeren
  • Er komt normaliter een overgangsregime (van 5 jaar)
  • pensioenpremie wordt persoonlijk toegerekend, maar blijft wel in een collectieve pot beheerd/belegd
  • de vaste uitkering(s overeenkomst) verdwijnt (dus middelloon)
  • of de premie blijft namelijk vast en de hoogte van het jaarlijks te kopen pensioen varieert
  • of de premie wordt hoger/lager, afhankelijk van de rente (en levensverwachting), dus de kostprijs van pensioen
  • of de premie wordt collectief belegd, wel risicovoller, en er wordt gekort/geïndexeerd afhankelijk van de dekkingsgraad op 100% (dus sneller korten/indexeren)
  • er gaat gesproken worden met de Europese Commissie om de verplichtstelling (van Bedrijfstakpensioenfondsen) te behouden
  • er komt één fiscaal kader – lees maximale premiehoogte, dit maximum geldt ook voor de 3e pijler (lijfrente)
  • de groep 45-60 jaar, die het meeste nadeel ondervindt van de afschaffing van de doorsneepremie moet gecompenseerd
  • pensioengeld moet volgens life cycles belegd worden; jongeren beleggen dus risicovoller dan ouderen
  • het uitgangspunt is dat collectief opgebouwd pensioen omgezet kunnen worden in ‘het nieuwe systeem’, waardoor opgebouwde en op te bouwen pensioen bij elkaar blijft
  • iedereen mag op (vervroegde) pensioendatum een lumpsum van 10% opnemen
  • er wordt onderzocht of er nog meer mogelijkheden komen om pensioen eerder te gebruiken voor b.v. hypotheek, scholing etc.
  • er wordt onderzocht hoe om te gaan met de grote(r wordende) groep werknemers zonder pensioen. Dan zal ook pensioenplicht voor ZZP-ers worden meegenomen
  • nabestaanden- en arbeidsongeschiktheidspensioen worden meer gestandaardiseerd (en adequater en begrijpelijker), zeker ook bij waardeoverdracht

Nadere uitwerking

In het najaar komt de verdere uitwerking op hoofdlijnen. Per 2022 moet alles definitief ingaan. Er komt een stuurgroep die de vernieuwing van het pensioenstelsel bewaakt.

Terug naar Nieuws