Westeinder Adviesgroep
pensioenen 

nieuws

Inhoud (klik op de titel)  
september 2011  Vitaliteitsregeling
juni 2011  Pensioen en AOW 
mei 2011 De woekerpolisaffaire 
januari 2011 Terugwenteling lijfrentepremie
januari 2011 Hoe zit het eigenlijk met mijn pensioen 

 

(september 2011)

Vitaliteitsregeling

De spaarloon- en levensloopregeling worden vervangen door de vitaliteitsregeling, die in 2013 wordt geïntroduceerd. Deze regeling is voor personen met een arbeidsinkomen (werknemers en zelfstandigen zonder personeel). Het wordt een moderne levensloopregeling, maar dan zonder de mogelijkheid om eerder te stoppen met werken, hoewel deeltijdpensioen wel mogelijk blijft.

De stortingen zijn fiscaal aftrekbaar in box 1 en er wordt pas belasting geheven bij opname van het tegoed. Het opgebouwde tegoed wordt niet belast in box 3. Er kan maximaal € 20.000,- gespaard worden en er geldt een jaarlijkse maximum inleg van € 5.000,-. Deelnemers kunnen maximaal € 20.000,- per jaar opnemen en vervolgens opnieuw sparen tot het maximum weer bereikt is.

Er gelden geen beperkingen met betrekking tot de reden waarom deelnemers het vitaliteitsspaartegoed aanwenden. Tot en met 61 jaar is er ook geen beperking met betrekking tot het op te nemen bedrag. Vanaf het jaar dat een deelnemer op 1 januari 62 jaar oud is, geldt echter een beperking van het maximaal jaarlijks op te nemen bedrag van € 10.000. De opname van het tegoed dient uiterlijk vóór het bereiken van de 65-jarige leeftijd plaats te vinden.

De vitaliteitsregeling wordt fiscaal beduidend minder gefaciliteerd dan de levensloopregeling. Hierdoor is de verwachting dat er nog minder mensen dan nu het geval is bij de levensloopregeling zullen deelnemen. Dit ondanks het feit dat er nu ook ZZP-ers van de nieuwe spaarregeling gebruik kunnen maken.

 

(juni 2011)

Pensioen en AOW

Sociale partners en kabinet hebben op 9 juni 2011  overeenstemming bereikt over een herziening van AOW en pensioen. De lijn van het in juni 2010 gesloten pensioenakkoord is nu door sociale partners uitgewerkt. De gemaakte afspraken wijken in grote mate af van het wetsvoorstel dat de minister begin mei dit jaar bij de Tweede Kamer heeft ingediend. De minister heeft aangegeven op welke punten het voorstel aangepast zal worden. De afspraken die nu door het kabinet en sociale partners zijn gemaakt hebben voornamelijk betrekking op pensioenregelingen bij pensioenfondsen. Zij moeten nog worden vertaald naar pensioenregelingen die rechtstreeks bij een pensioenverzekeraar zijn ondergebracht. Want voor pensioenverzekeraars gelden toch weer andere omstandigheden dan voor pensioenfondsen. Wij zetten de belangrijkste punten op een rij.

Aanpassingen in de AOW

Verhoging van de AOW-leeftijd naar 66 in 2020, naar 67 in 2025
Sociale partners en kabinet hebben met elkaar afgesproken dat in 2020 de AOW-leeftijd naar 66 jaar gaat. Dit uitgangspunt zal voor de franchise in de pensioenopbouw per 2013 gelden. Al per 2015 zal voor de franchise in de pensioenopbouw het uitgangspunt gelden dat sprake is van een verhoging van de AOW-leeftijd naar 67 jaar in 2025.

Het is mogelijk eerder of later te stoppen met werken en de ingangsdatum van de AOW hierop af te stemmen. Bij eerder stoppen resulteert dat in een lagere AOW-uitkering van 6,5% voor elk jaar dat deze uitkering eerder ingaat. Het is niet mogelijk de AOW-uitkeringen eerder dan op 65-jarige leeftijd te laten ingaan. Langer doorwerken en de AOW-uitkering later laten ingaan levert voor elk jaar uitstel een 6,5% hogere AOW-uitkering op.

(Extra) indexatie van de AOW-uitkeringen
In de periode van 2013 tot 2028 vindt bovenop de gebruikelijke jaarlijkse verhoging een jaarlijkse extra indexatie van de AOW plaats met 0,6% per jaar van het huidige AOW-niveau voor een gehuwde.

De AOW en de extra verhogingen worden bovendien geïndexeerd met de loonontwikkeling in plaats van, zoals nu gebruikelijk, met de prijsontwikkeling.

Inkomensafhankelijke ouderenkorting
Vanaf 2020 komt een inkomensafhankelijke ouderenkorting van EUR 300 per jaar beschikbaar. Deze korting is gericht op de lagere inkomens. Vanaf een inkomen van EUR 18.000 wordt de korting geleidelijk met 5% afgebouwd. Tot 2020 blijft de huidige alleenstaande ouderenkorting volledig bestaan.

Aanpassingen in het aanvullend pensioen

Premiestabilisatie
Ten aanzien van de aanpassingen in het aanvullend pensioen is premiestabilisatie voor werkgevers en werknemers het uitgangspunt. Dat houdt in dat het huidige niveau van de totale premielast leidend is. Van verhogingen van de premie wegens een stijgende levensverwachting zal geen sprake kunnen zijn. Mocht om andere redenen een verlaging van de premies tot de mogelijkheden behoren, dan zal deze verlaging niet worden doorgevoerd maar het ‘voordeel’ in de pensioensfeer worden aangewend.

Aanpassing pensioenrichtleeftijd
In aansluiting op de verhoging van de AOW-leeftijd zal per 2013 de toekomstige pensioenopbouw zijn gebaseerd op een pensioenrichtleeftijd van 66 jaar in 2020. Per 2015 zal een pensioenrichtleeftijd gaan gelden van 67 jaar in 2025. Vervolgens ligt het in de bedoeling dat elke 5 jaar wordt bepaald wat de nieuwe pensioenrichtleeftijd 10 jaar later wordt. De nieuwe pensioenrichtleeftijd is afhankelijk van de gemiddelde levensverwachting op het moment van aanpassen.

Pensioenregelingen zullen moeten worden getoetst of en in hoeverre deze na de verhoging van de pensioenrichtleeftijd (nog) voldoen aan een actuarieel herrekend ouderdomspensioen op 65-jarige leeftijd.

Onderzoek naar passend fiscaal kader
Er zal een onderzoek plaatsvinden hoe een passend en eenduidig fiscaal kader, het zogenaamde Witteveenkader, kan worden vormgegeven.
Ontwikkeling van rendementen en levensverwachting en de mogelijkheid dat financiële meevallers behouden blijven voor het collectief kunnen tot gevolg hebben dat de pensioenopbouw buiten de huidige fiscale randvoorwaarden terecht komt. Onderzocht moet worden op welke wijze de fiscale kaders kunnen ‘meebewegen’ met het beoogde pensioensysteem.

Koppeling tussen franchise en verhoging van de AOW
Er blijft een directe koppeling tussen de franchise en de (extra) verhoging van de AOW. Dat betekent dat bij gelijkblijvende opbouwpercentages en pensioengevend salaris de overeengekomen maatregelen leiden tot een verlaging van de pensioenopbouw in de tweede pijler.

En verder …

Levensloop en vitaliteitsregeling
In de komende periode komt een concrete uitwerking van de integratie van de levensloop- en de spaarloonregeling tot een vitaliteitsregeling, inclusief een overgangsregeling levensloop.

Gevolgen voor rechtstreeks verzekerde regelingen
Over de vertaling van de tussen het kabinet en de sociale partners gemaakte afspraken naar de zogenaamde rechtstreeks bij pensioenverzekeraars verzekerde regelingen zullen sociale partners en kabinet in overleg treden met de pensioenverzekeraars.

 

(mei 2011)

De woekerpolisaffaire

'Fiscaal vriendelijk sparen in een beleggingspolis kan (veel) meer opleveren dan gewoon sparen bij een bank'. Vooral in de jaren negentig was dit een veel gehoord en goed onderbouwd advies.

De fiscus biedt interessante belastingvoordelen en stimuleert daarmee belastingplichtigen om geld opzij te zetten voor later. Voordelen die u destijds alleen kon benutten door een levensverzekering af te sluiten. Dit gegeven -gecombineerd met in de tijd stijgende beurskoersen waar geen einde aan leek te komen- verzoorzaakte een hausse in beleggingsverzekeringen.

Kijkend naar recente waardeoverzichten moet je nu vaststellen dat het beeld veranderd is. Gemaakte rendementen vallen tegen en door de transparantie eisen (verplicht gesteld door de overheid) wordt nu pas duidelijk wat er aan kosten en verzekeringspremies van de inleg afgaat.

Het gevolg: 'de woekerpolisaffaire'

Nu zo langzamerhand duidelijk wordt of er recht is op compensatie van de kosten in een beleggingsverzekering, zijn veel polishouders teleurgesteld. Kosten kun je voor een deel compenseren, de tot op heden tegenvallende beleggingsopbrengsten echter niet. Het zijn wel deze beleggingsopbrengsten die voor het allergrootste deel de eindopbrengst bepalen. Of u nu een aanvullende oudedagsvoorziening opbouwt, of geld opzij zet voor het aflossen van uw hypotheek, een paar procent meer of minder rendement veroorzaakt een enorm verschil in de opbrengst.

Heeft u een beleggingsverzekering? Dan is het van belang om vast te stellen of u nog wel op koers zit. Wilt u samen met ons bekijken of uw destijds bepaalde doelstellingen nog steeds actueel en haalbaar zijn. Klik dan hier voor onze contactgegevens....

 

(januari 2011) 

Terugwenteling lijfrentepremie

De mogelijkheid om betaalde lijfrentepremies in mindering te brengen op uw inkomen van het voorafgaande jaar wordt afgeschaft. Vanaf het belastingjaar 2011 is het dan niet meer mogelijk om premies die in het kader van de jaarruimte en de reserveringsruimte worden voldaan terug te wentelen. Lijfrentepremies moeten dan in aftrek worden gebracht in het jaar waarin ze zijn betaald.

Aangezien deze aanpassing deel uitmaakte van al in 2009 ingevoerde wetswijzigingen riep dit wat vraagtekens op. Concreet betekent het dat premies die voor 1 april 2011 zijn voldaan nog wel op de bestaande wijze kunnen worden teruggewenteld en op het inkomen van 2010 in mindering kunnen worden gebracht.

Indien u gebruik maakt van deze mogelijkheid is het volgende voor u van belang:
Voor uw aangifte over belastingjaar 2010 verandert er nog niks. U kunt de tot 1 april 2011 betaalde premies in aftrek brengen bij uw aangifte over 2010.

Vanaf belastingjaar 2011 is deze terugwenteling niet meer mogelijk. Over belastingjaar 2011 kunt u alleen nog de in dat jaar betaalde premies (dus tot en met 31 december 2011) in uw aangifte verwerken.

Een voorbeeld:
Stel dat u jaarlijks op 1 januari een premie betaalt voor uw lijfrentepolis en deze in aftrek brengt in het voorafgaande belastingjaar. De premie die u betaalt op 1 januari 2011 brengt u dan in mindering op uw inkomen bij de aangifte over 2010. De premie die u betaalt op 1 januari 2012 dient u nu op te voeren bij uw aangifte over 2012.

Hierdoor wordt uw aftrekmogelijkheid een jaar opgeschoven en mist u dus uw lijfrenteaftrek in 2011.

Indien u alsnog een aftrekmogelijk in 2011 wilt creëren kunt u natuurlijk wel overwegen (wanneer uw financiële situatie dit toestaat) om in 2011 een extra lijfrentestorting te doen, die u vervolgens in 2011 aftrekbaar stelt.

Mocht u hierover meer informatie wensen, neemt u dan contact met ons op.

De afschaffing geldt niet voor de specifieke lijfrenteaftrek voor zelfstandigen, de omzetting van de oudedagsreserve en de stakingswinst in een lijfrente. De hiervoor geldende 6 maandentermijn na afloop van het kalenderjaar is niet gewijzigd.

 

(januari 2011)

Hoe zit het eigenlijk met mijn pensioen

U heeft zich vast wel eens afgevraagd hoe het nu eigenlijk met uw pensioen zit. Zeker als u al meerdere werkgevers heeft gehad is het goed mogelijk dat u het overzicht bent kwijt geraakt. Sinds 6 januari krijgt u op eenvoudige wijze antwoord op uw vraag via de website opent in een nieuw venster www.mijnpensioenoverzicht.nl.
Deze site laat het pensioen zien dat u via het werk hebt opgebouwd en de AOW. Ook de hoogte van het nabestaandenpensioen na overlijden is te zien. Hetgeen wat u zelf opbouwt via bijvoorbeeld een koopsom is niet zichtbaar. De bedoeling is dat u op eenvoudige wijze inzicht krijgt in uw pensioen en AOW.

DigiD
Iedere Nederlander met een DigiD kan inloggen op de site. Het DigiD is nodig om te kunnen inloggen. Daarmee is uw privacy gegarandeerd. DigiD is de eigen (inlog)code die bij verschillende overheidsdiensten wordt gebruikt zoals de belastingdienst. Heeft u nog geen DigiD? Of bent u de gebruikersnaam of het wachtwoord vergeten? Op de website van DigiD kunt u alle informatie vinden, opent in een nieuw venster www.digid.nl.

Wilt u een compleet overzicht
Speciaal voor onze klanten hebben wij het Inkomens Voorzieningen Overzicht ontwikkeld. Na een grondige inventarisatie rekenen wij voor u door wat u bij overlijden, arbeidsongeschiktheid en (vroeg)pensioneren aan inkomen tegemoet kunt zien. Hierbij houden wij rekening met uw persoonlijke situatie, de pensioenrechten, de in privé gesloten inkomensverzekeringen, de hypotheek en het vrij beschikbaar vermogen. Ook met de, op u van toepassing zijnde, sociale verzekeringen wordt rekening gehouden. Wat volgt is een compleet rapport waarin helder wordt wat u zowel bruto als netto aan inkomen op enig moment tegemoet kan zien. Wilt u een compleet overzicht? Neemt u dan contact met ons op...

 

Terug naar hoofdpagina pensioenen ...